Indonesia

Dutch Asia (East Indies)

tekst

Nederlands-Indië[bewerken]

Indonesië (Nederlands Oost-Indië) (1602-1949*/1963*): Ambon (1600-1963)

Banda (1621-1963)

Batavia, Hoofdstad op Java (1619-1963)

Java's Noordoostkust

Makassar, op eiland Celebes (18 november 1667-1963)

Molukken

 

Bantam

Sumatra's Westkust

 

Banjarmasin, stad op het eiland Borneo (1606-1963)

Cheribon, stad op het eiland Java

Palembang, stad op het eiland Sumatra

Pontianak, stad op het eiland Borneo

 

Timor (1640-1963) Roti

Savoe

Soemba

Solor

het oostelijk deel van Flores

Kisar (van 1912 tot 1926)

 

 

 

Nederlands-Indië was een Nederlandse kolonie dat het gebied omvatte wat nu Indonesië is. De Nederlandse bezittingen stammen van de VOC, die onder meer op Java en in de Molukken een aantal eilanden, steden en gebieden bezat. Na de opheffing van de VOC in 1798 gingen ze op de toenmalige Bataafse Republiek over. Na 1800 werden de gebieden officieel Nederlands-Indië. Deze naam komen we echter in stukken van de VOC in de jaren 1620-1622 al tegen als 'Nederlandsch-India'.

Nederlands Nieuw-Guinea (1882-1963)

 

 

Nederlands Nieuw-Guinea (Nu: Papoea, een provincie van Indonesië) was van 1949 tot 1962 een overzees gebiedsdeel van Nederland. Voor die tijd maakte het deel uit van Nederlands-Indië; bij de overdracht van de soevereiniteit aan Indonesië behield Nederland Nieuw-Guinea. De motiveringen van de Nederlandse regering hiervoor wisselden herhaaldelijk. In ieder geval werd het Nederlandse beleid sterk bepaald door de houding van Nederland ten opzichte van Indonesië. Enerzijds wilde men Nieuw-Guinea gebruiken als Nederlandse invloedssfeer in de regio; anderzijds wilde men door Nieuw-Guinea te "ontwikkelen" en de Papoea-bevolking te emanciperen bewijzen dat Nederland als koloniale mogendheid niet had gefaald.

 

 

Copyright © All Rights Reserved